Browse By

Column: Tegen wie heb je het eigenlijk
mindblindness en praatdenken

Mindblindness en praatdenken

Column: Tegen wie heb je het eigenlijk?

InesVanMegenThijssenSoms kom ik ze tegen: de adhd-er die maar doorpraat, heel enthousiast bijvoorbeeld over iets technnisch, waar de toehoorder na vijf minuten niets meer van begrijpt maar de persoon blijft maar doorpraten, een uur lang. In het adhd cafe zie ik er zo al drie van de twintig: het zijn mensen die tegen je praten, maar niet met je. Er zijn adhd-ers die ”enkele kenmerken van autisme” hebben, maar dat soms zelf niet weten. Je weet niet wat je niet weet. Je kunt aan een kleurenblinde ook moeilijk uitleggen dat wat hij als bruin ziet, in werkelijkheid groen en rood is. Een kleurenblinde zal eerst zeggen: ik zie het toch met mijn eigen ogen dat dit bruin is! Pas als meerdere mensen allemaal tegen hem zeggen: wij zien ook echt groen en bruin, en hij in boeken en websites er meer over leert: pas dan valt het kwartje.

Hoe weet je of iemand die adhd praatdenkt autistisch is of niet? Autisme en adhd overlapt voor wat betreft zintuiglijk gevoeligheid en beiden kunnen zich soms ook te gedetailleerd uiten. Zelfs het praten zonder aankijken heb ik een adhd-er die helemaal niet autistisch is, wel zien doen: “om zo bij de draad van zijn verhaal te blijven”. De enige echte onderscheidende factor is: Mindblindness. Alleen de autist is mindblind (=moeite met perspectief – context – intrinsiteit en kan daardoor iemand gedachtes niet ”lezen” is blind voor de beleveniswereld van de ander: Onderdeel van de Theory of Mind). De adhd-er zonder autisme is juist heel erg sociaal en invoelend. Maar het is een glijdende schaal en in het geval van de combi adhd-autisme zijn er enkele complicerende factoren:

catYawnPRAATDENKEN Het begrip praatdenken kwam ik voor het eerst tegen in de boeken van Karin Windt en bracht een schok van pijnlijke herkenning teweeg. Adhd-ers kunnen in sommige gevallen dit gedrag vertonen: Ze praten over een bepaald onderwerp en kunnen dan niet meer stoppen: pas nadat ze bij het eind van het verhaal zijn aanbeland. Het verhaal is van de hak op de tak en erg gedetailleerd. Praatdenken heet zo, omdat je al pratende denkt. En niet eerst een gedachte bedenkt, en die daarna vertaalt naar woorden. De praatdenker weet dus zelf ook nog niet waar het verhaal naar toe gaat. De praatdenker denkt hardop en gebruikt het geluid van zijn eigen stem, om zo de rode draad in het eigen verhaal te blijven volgen. Dus je gebruikt audio als feedback. (‘”hij hoort zichzelf graag praten” is dus letterlijk waar maar niet uit ijdelheid).

Er zijn verschillende redenen voor adhd praatdenken:

  1. Als je een geniale brainwave hebt: moet je die snel uitspreken of opschrijven, anders is hij weer weg. Het is als een droom die een moment zo levendig is, en vijf minuten later compleet verdwenen. Je kunt praatdenken inzetten om zo je gedachtes te vangen. Vooral als het analytische gedachtes zijn met veel stappen, dan heb je het gevoel van: dit is interessant, deze redenatie komt vast ergens op uit: dan zit er niets anders op dan de gehele gedachtegang uit te spelen, om zo te zien waar het toe leidt.
  2. Hersengolven: je rechterhersenhelft ziet iets helemaal voor zich onder invloed van Alfa golven. Maar de linker lineaire hersenhelft werkt het best met Beta golven. Als je ’s nachts droomt staan je hersens in Alpha (oa) en als je wakker bent meestal in Beta. Maar als je dagdroomt staan je hersens nog in Alpha, maar je liniaire hersens werken in Beta. Taal zit in het liniair deel.
  3. Gebrek aan categorisering: onze adhd hersens hebben weinig hokjes. Dit heeft effect op spraak: je gedachtegang volgt niet een bepaald stramien maar alle woorden zitten los in je hoofd.
  4. Beelddenken: je ziet een beeld voor je en je probeert dat beeld te vangen in woorden. Daar zijn meer woorden voor nodig.
  5. Hardop brainstormen. In het ideaalste geval kun je brainstormen met een andere adhd-er, en dan krijg je de waanzinnigste gedachteuitwisseling, met prachtige verbanden, schakelingen van praktische voorbeelden of absurde uit de context gerukte humor die je weer op nieuwe ideen brengt. Bekijk hiervoor ook de ADDHOC youtube afspeellijst ”things you cannot do without adhd”. Met name de improv van Russell Brand is goed, maar Gordon Ramsey (playlist celebs) en anderen kunnen er ook wat van: een woordenbrei die geniaal is.

AUDIO FEEDBACK Ikzelf heb die audio feedback vaak zelf toegepast maar niet hardop. Het zorgde ervoor dat ik een universitair diploma haalde ondanks een soort syntactische dyslexie en adhd/add. Ik kon namelijk het hele college, de stem van de leraar 2 uur lang, gewoon thuis nog een keer afspelen in mijn hoofd. Ook later in mijn werkende leven heb ik het gebruikt om een vergadering achteraf toch nog te notuleren. Eens was ik in een hyperfocus tijdens een vergadering, degene die de notules zou verzorgen was die kwijt en kwam ook niet meer op het werk ivm ziekte. Toen heb ik de vergadering drie weken later nogmaals in mijn hoofd afgespeeld en daarvan notules gemaakt. Niemand geloofde dat dit kon, het was namelijk een ingewikkelde vergadering. Toen de zieke terugkwam en de aantekeningen terugvond: bleek inderdaad dat mijn notules precies klopten. Soms, als ik een boek wil lezen, maar de concentratie laat op zich wachten, en ik ken de stem van de schrijver, omdat ik die schrijver heb ontmoet of op tv heb gehoord: dan laat ik het boek voorlezen met zijn stem in mijn hoofd. Het duurt iets langer om voorgelezen te worden, maar ik kan dus de woorden omzetten naar audio. Soms gebruik ik audio feedback ook om een gedachtengang voor mezelf te verduidelijken. Als ik in mijn eentje ben in de kamer vertel ik een ingewikkelde gedachtengang hardop. Ook schrijf ik het soms, of ik maak een visueel moodboard. Maar ik krijg de vertaling naar woorden soms niet rond. De liniaire volgordes punt voor punt vind ik moeilijk.

STEMMEN IN JE HOOFD Het is een publiek geheim dat sommige adhd-ers steeds stemmetjes nadoen of nieuwe verzinnen. Zie interview Tygo Gernandt.

Veel mensen die goed zijn in typetjes -niet zelden adhd-ers- doen de hele dag stemmetjes na.

Fantasie gesprekken kunnen je helpen een gedachte verder uit te werken. Als ik een bepaalde redenatie op papier wil zetten, en het lukt niet, kan ik het hele verhaal bijvoorbeeld aan Oprah Winfrey vertellen. Soms is mijn fantasie zo levendig dat ik haar stem haast kan horen in mijn hoofd. Wil ik dat een tekst formeler en professioneler klinkt dan neem ik een zakelijke nieuwslezer in gedachte, wil ik dat de tekst meer aanspreekt dan kwam Oprah met haar kenmerkende no nonsense stijl, en hoefde ik wat zij vertelde alleen maar op te schrijven. Handig!

INTERN GEHOOR Met muziek is het wat minder taboe: dat je in je hoofd muziek kunt afspelen zonder Ipod, zo dat je dan pas bij het afspelen je dingen opvallen: o die baslijn gaat zo. En dan thuis snel checken of het klopt (het klopt niet altijd omdat mijn fantasie en werkelijkheid niet heel duidelijk gescheiden zijn).

Ook hier is het een bekende adhd-er die in de media hier voor uitkomt: Wibi Soerjadi weet het interne gehoor dat muzikanten zowieso al meer dan gemiddeld hebben, zover uit te bouwen dat hij zelfs in zijn dove periode een hele cd weet te componeren: de melodie compleet met meerstemmige akkoorden noteerde hij direct op papier, zonder tussenkomst van de piano. Zonder adhd is wat Wibi of Tygo doet bij mijn weten onmogelijk. Adhd is een multiplier.

Het kan ook te ver gaan: je houdt in je hoofd een heel gesprek met iemand die je in het echt ook kent. Dan ontmoet je die persoon vlak daarna ook in het echt, en vervolg je het gesprek waar je in je hoofd gebleven bent. Meestal klopt het niet: maar heel creepy klopt het verhaal in een enkel geval wel: dan zegt die ander: hoe weet je dat? Dan zeg je: “dat heb je me zelf verteld!” Nee hoor, dat heb ik je niet verteld, wanneer dan? (….. ehm slik, je realiseert je dat hij dat in je droom heeft verteld…) “eh, nou gewoon een keer”. Slik. Meestal zijn het flarden die je niet meer onthoudt, het zijn gedachtenspinsels die je niet kunt vangen. Maar soms ineens vallen al die mozaikstukjes van de caleidoscoop ineens in een patroon. Een subliem idee is het resultaat. Maar probeer het dan maar eens aan een ander te vertellen? Als ik zo’n idee aan een ander vertel (in de kroeg), dan na vijf minuten kijkt die persoon op zijn horloge: zegt dingen als ”tja het wordt koud morgen he” of hij gaat naar de wc en komt niet meer terug.

Praatdenken is een belangrijke adhd mogelijkheid. Maar je moet hem niet gebruiken in bijzijn van anderen. Want dan is het autisme. Je moet in stilte op je computer net zo lang blijven tikken totdat er per ongeluk een verhaal ontstaat dat volgbaar is. Maar zo alleen en je ideeen niet delen: is dat niet juist autisme? Als iemand zich niet op mij kan in-tunen en mijn redenatie niet kan volgen: wie is dan de autist? Als je een publiek hebt, is je praatdenken gelegitimeerd. Loopt je publiek weg of heeft je blog nul lezers: dan ben je tegen een muur aan het praten.

rijtjeMaar nu vraag ik me af: hoe weet je of iemand gewoon adhd zit te praatdenken, of dat iemand werkelijk autistisch is? Via internet ga ik op onderzoek uit: wat is autisme en wat is het verschil met adhd praatdenken? En waarom heb ik het idee dat deze twee dingen relatief vaak overlappen, in het adhd cafe. En wat voor een monster is dat: de adhd-er die ook autistisch is: alles wat adhd tot een talent zou kunnen maken, doet het autisme weer teniet. Want een adhd-er die niet autistisch is kan natuurlijk als geen ander van perspectief veranderen, en zich invoelen in een ander. Het empatische vermogen van de normale adhd-er is legendarisch. Method actors of typetjes nadoende cabaretiers: het werkt het best als je niet iemand nadoet, maar tijdelijk diegene wordt. En daarvoor heb je de context van die ander nodig. Sommige adhd-ers zijn compleet fluide: het tegenovergestelde van autisme: helemaal opgaan in de ander, voelen wat die ander voelt.

TIPS tijdens praatdenk gesprek

Ik heb een methode bedacht om te ontdekken of iemand een adhd praatdenker is, die tegen je aan staat te praten alsof je een muur bent, maar niet kan stoppen met zijn verhaal, omdat hijzelf nog niet weet wat zijn punt is: of dat het een autist is.

  • Maak je eigen context duidelijk: als iemand begint over waterschapsverkiezingen vertel dan bv of je een student politicologie bent en gespecialiseerd in bestuurslagen, of dat je een anarchist bent die nooit stemt. De praatdenker kan zich dan meer op jou richten. Als de praatdenker precies hetzelfde spreekt met de anarchist als met de politicoloog over dit onderwerp, dan heb je met een autist te maken.
  • Congruentie. Sommige mensen zitten gevangen in de semantiek, het gesprek is alleen cerebraal. Zijn de woorden een doel op zich of is er een diepere laag? Is iemand ongerust dat Nederland overstroomt, of kwaad op de bureaucratie? Wil iemand gewoon met je in gesprek komen en praat over de verkiezingen zoals je over het weer praat? Of wil hij je overhalen om op een bepaalde partij te stemmen? Probeer een doel te formuleren en deel dit hardop. Een adhd-er zal deze handreiking graag aannemen. Een autist wil alleen feitelijke informatieoverdracht.
  • Metacommunicatie (feedback). De praatdenker kan beter eerst checken: vb: Ik vind verkiezingen zo belangrijk maar niet iedereen wil erover praten, wat jij? Als de persoon dan enthousiast is blijf je steeds checken gedurende het gesprek:De persoon kan zeggen: vb: je praat wel snel. Je weet er veel van. Of: ik vind het interessant maar ik ben vandaag te moe voor politiek. Of je wijst: die en die persoon die daar zit weet veel van dit onderwerp. Adhd-ers zonder autisme kunnen, zelfs al zitten ze gevangen in een praatdenk aanval: toch uiteindelijk wel reageren en hun verhaal aanpassen aan de aanwijzingen van hun toehoorder.
  • Visueel. Als je (na een uur eenzijdig gesprek) kokhalsneigingen maakt. Of roept: kappen nu!(halsafsnij gebaar) Ik heb meegemaakt dat iemand gewoon doorpraatte toen ik wegliep en toen ik terugkwam van de wc niet merkte dat ik weggeweest was: dit is geen gewoon adhd praatdenken dat is echt autisme. Niets helpt meer. Ik heb meegemaakt dat iemand niet snapte dat hij naar huis moest, ook al hadden mensen hun jas aan en hun tas omgedaan en gingen naast de geopende deur staan en wezen naar de deur. Dat is echt mindblind daar doe je niets aan. Het was iemand met hoog IQ die zulke hints niet kon opvangen. Je gelooft het pas als je het ziet.
  • Perspectief wisseling: een autist kan heel moeilijk van perspectief veranderen. Waar gebeurd verhaal: Een vader kocht voor het eerst een mobiel -naast zijn vaste telefoon, op aanraden van zijn dochter die al twee jaar een mobiel had. Hij kwam erachter dat hij nu ook het netnummer moest intoetsen voor nummers in zijn eigen woonplaats. Met de vaste telefoon waren netnummers alleen nodig buiten de gemeente. Hij geeft zijn dochter raad: denk eraan hoor, vergeet niet het netnummer erbij in te toetsen ook al bel je lokaal! Dat ze dit al twee jaar doet dat kan hij niet bevatten. Alles dat voor hem nieuw is gaat hij uitleggen aan anderen, hij verdiept zich niet in het perspectief van de ander. Dit is typisch autistisch.

Ook een leuke tip als iemand tegen je aan praatdenkt: kijk achterom en vraag: praat je nu tegen deze muur of tegen die? Een beetje niet-autist zal de hint begrijpen en sorry zeggen. De autist, kan ik je verzekeren, (komend uit een autistisch nest): de autist praat zelfs dan gewoon door. Ook als je letterlijk zegt: je praat nu tegen me, niet met me!

MIND ziende gesprekken:

De bedoeling van niet autistische gesprekken is vaak om meer informatie te vergaren over die andere persoon; hebben jullie dingen gemeen. Heel het gesprek is bij niet-autisten een poging om de situatie van de ander in kaart te brengen. Want hoe meer perspectieven en invalshoeken hoe beter. Als je ervan uitgaat dat je pas iets in 3D kunt zien als je het van verschillende kanten belicht: dan wil je natuurlijk die andere kant via die andere persoon ontdekken, zodat jijzelf een beter 3D beeld krijgt. Als je ervan uitgaat dat de wereld statisch, feitelijk, plat en gewoon is hoe het is, en een gesprek alleen als doel heeft feitelijke informatie uit te wisselen: in dat geval als twee autisten met elkaar praten: zal het gesprek alleen gaan over technische details, historische feiten, of andere pedanterie. En niet worden afgeleid door die vervelende emo dingen die alleen maar afleiden van de feiten. Voor een autist is die hele emo context een soort stoorzender. Daar gaat het toch niet om? Hij weet niet dat je met die info een 3D beeld krijgt, hij kan niet 3D zien dus voor hem heeft het geen zin om al die contexten ook nog te moeten puzzelen, bij hem valt die caleidoscoop nooit precies in een ander mooi patroontje: het zit zowieso door elkaar dus hij heeft er niets aan: het patroontje kan hij niet zien dus hij ziet die emo details alleen als storend mistgordijn. Het wordt nooit een mooi patroon dat hij ook in andere gesprekken kan gebruiken.

Een praatdenkende adhd-er zal als je zegt: je praat nu tegen een muur denken: ok het verhaal komt niet goed over, en zal SORRY zeggen. Dat is een ander teken van autisme; geen sorry zeggen, want hij zou echt niet weten waarom hij sorry zou moeten zeggen: jij onderbreekt hem, jij zegt dat hij tegen een muur praat dus dat jij niet wil luisteren. Dat de metafoor van tegen een muur praten op hem slaat zal hij niet begrijpen. Dus hoezo moet hij sorry zeggen? Heel veel mensen denken dat ze wel metaforen begrijpen, maar elke goede metafoor heeft altijd twee kanten. Als je bv zegt: je moet ijzer smeden als het heet is: dan betekent dit: niet te vroeg en niet te laat. Een autist zal het gezegde in 1 context hebben geleerd (vb wachten tot het heet genoeg is) en zal denken: ok dat betekent dat je beter kunt wachten. Je moet ijzer smeden wanneer het heet is kan ook betekenen: je moet nu opschieten, nu is het momentum nu is er een kans die je moet grijpen straks is het te laat (is het ijzer weer koud). Maar die tweede kant snappen ze niet, ze gebruiken metaforen idiomatig.

EMO Als je met een autist over emo- dingen praat zal hij vinden dat jij een soort mistgordijn van woorden opwerpt je zit ”te kletsen”. Dus stel je zit heel erg ergens mee, en je vertelt dit in geuren en kleuren en details met de persoon (op jouw eigen adhd manier met zijweggetjes en details) en het onderwerp is heel belangrijk. Je bent bijvoorbeeld je beste vriendin kwijtgeraakt, of je relatie met je vriend is stuk, of je bent je baan kwijt etc. Je wilt echt je hart luchten en je gebruikt hier per ongeluk teveel woorden voor. Emotionele momenten zijn niet de tijd dat het je lukt erg to the point te zijn helaas. Een autist zal emo informatie niet op waarde schatten en kan dwars door een zwaar gesprek dingen roepen als ” is er nog thee”? Of hij kan er helemaal niet op reageren. De enige juiste reactie is natuurlijk: wat erg voor je, en dat was je beste vriendin en nu zegt ze dat? Shit zeg jullie waren zo close! Als je een heftige gebeurtenis vertelt, dan heb je als adhd-er het recht dit in veel in geuren en kleuren te doen en hier heb je nu eenmaal veel woorden voor nodig. Iemand moet dat kunnen begrijpen. Anders is hij een autist.

INTRINSIEK wat ook als eigenschap van autisme wordt gezien: je ziet dingen fragmentarisch en je ziet de essentie van iets niet. Dus als je op bezoek bent bij een oude tante, is de essentie van het bezoek, het intrinsieke doel van het bezoek: het gezellig hebben met je tante, misschien is ze ziek of oud en je bent er voor haar opdat zij zich niet alleen voelt, en jij voelt je meer verenigd met je roots van je familie. Het doel van het gesprek is niet dat jij zoveel mogelijk technische details kunt ventileren. Dat jij over je werk praat. Dat is niet gepast in die context.

Mensen hebben een intrinsieke waarde: introvert, extravert, verzorgend dienstbaar of avontuurlijk etc. Je weet dat iemand iets nooit zou doen of dat iets typisch iets voor hem is. Iemand maakt een bepaalde indruk en daar tune je op in. Sommige mensen maken grote gedachtensprongen, andere kleine, sommige mensen zijn ”vast” ze houden niet van nieuwe dingen, andere mensen zijn snel verveeld. Sommige mensen zijn associatief anderen ordentelijk. Sommige mensen zijn heel praktisch en anderen meer filosofisch. Je tuned in. Als je allebei intuned heb je een gesprek met elkaar. Als de een gewoon praat, en de ander luistert, maar degene die praat denkt niet na over zijn publiek, dan is hij tegen een muur aan het praten. Hij tuned niet in.

Het is als bij Spiderman: het spin dna raakt verstrikt met zijn eigen dna. Hierdoor kan hij meer. Zo kun je ook mentaal je eigen ding (intelligentie, welbespraaktheid, droge humor) vermengen met die van de ander (praktisch, invoelend, beeldende humor) dus het gesprek dat je met iemand voert bestaat uit een combinatie van jullie beider ingredienten. Het gesprek wordt hierdoor een unieke ervaring: iets wat je met niemand anders zo zou kunnen voeren. De ander heeft ook inbreng. Als je met je oude tante op visite bent, kun je meer leren over je familieachtergrond, of over hoe het ging in de oorlog, of hoe stilzwijgend in de tuin schoffelen ook een mooi moment kan zijn. Dit alles leer je niet als je een uur lang over je eigen werk praat. Als je intuned op iemand, krijg je er een perspectief bij. Je leert te wisselen van perspectief. En zo leer je 3D te zien.

Als je de wereld fragmentarisch ziet, je ziet geen intrinsieke concepten, dan is het ook ondoenlijk om daar wijs uit te worden. Als de menselijke wereld uit steeds veranderende dynamische emo dingen bestaat, hoe moet je daar wijs uit worden: alles verandert steeds. Pas als je de intrinsieke kern ergens van inziet, en je daaraan vast kunt houden, kun je daarna het perspectief verschuiven.

DYNAMISCHE CONTEXT Een ander teken van autisme is: gebrek aan context: Voor een autist is de wereld statisch: het is wat het is. Maar in werkelijkheid bestaat de wereld natuurlijk uit een dynamische caleidoscoop van belangen en contexten die in elke omstandigheid steeds weer een nieuwe mozaik opleveren. Draai je caleidoscoop een kwartslag en alle kleuren vallen in een ander patroon.

EMPATHIE Mensen zitten allemaal in een andere bubble: als iemand een bloedneus heeft, vraag je die niet op dat moment mee te doen met een enquete (op de stadhuisbrug in Utrecht staan dergelijke enqueteurs). Als iemand geen vader heeft, ga je niet uitgebreid verhalen vertellen over hoe geweldig jouw vader altijd was. Op kraamvisite ga je geen verhalen vertellen over je eigen bevalling. Als je doelgroep voor 40% dyslectisch is ga je geen multiple choice vragenlijsten uitdelen. Iemand met een lui oog plaats je niet ver in het veld met honkballen.

Empatisch vermogen is dus ook beperkt bij sommige niet-autisten. Meestal kan iemand zich pas echt inleven in de ander, als je hetzelfde hebt meegemaakt (it takes one to know one). Zo zie ik pas aan een ander dat hij burn-out is, nadat ik zelf een burnout achter de kiezen had: je herkent het pas als je het zelf ervaren hebt: je ziet het nog voor diegene het zelf ziet. Pas als je naar de begrafenis van een van je ouders bent gegaan, weet je dat je een kaartje naar iemand kunt sturen die hetzelfde meemaakt ook al is het een kennis. Als je lang en ver gereisd hebt zie je bij thuiskomst pas wat Nederland is. Pas toen ik pillen geprobeerd had, begreep ik pas wat een leeg hoofd mensen zonder adhd eigenlijk hebben. Ik snapte toen pas waarom receptionistes hun rug naar je toekeerden en niet even naar je knikten als je voor hun balie stond terwijl ze aan de telefoon waren. Ze konden geen twee dingen tegelijk: o daarom was iedereen altijd zo onbeschoft. In de horeca werkend voelde ik altijd heel hard ogen in mijn rug prikken als iemand iets wilde bestellen. Pas na Ritalin begreep ik: deze mensen kunnen zich zo lang concentreren omdat ze helemaal geen gedachtes hebben! Ja zo kan ik het ook dat is valsspelen. Ze zijn niet onbeschoft maar ze kunnen maar een dingetje tegelijk en dan filteren ze zo al het andere gewoon weg. Daarom zijn ze ook minder moe. De tijd duurde steeds even lang, dus daardoor kwamen ze dus nooit te laat! Ik begreep ook waarom er zulke harde muziek gespeeld werd in modewinkels: ze horen het niet, ze zien die tl lampen niet knipperen, ze kunnen door al die kermis heen gewoon nog steeds denken: ik kwam voor een t-shirt.

VERSLAVING Een andere reden dat iemand niet meer goed ingetuned is: coke gebruik. Helaas heb ik het in mijn omgeving moeten meemaken: het komt namelijk relatief vaak voor onder adhd-ers. Als iemand heel grappig zegt: ja hoor ik snuif wel eens wat alleen op een feestje hoor haha moet kunnen: de kans is groot dat zo iemand elk weekend een feestje heeft en dat zijn hersens zijn aangetast. Die vriendin die altijd heel sociaal en inlevend was veranderde langzaam in iemand die constant door je heen praatte en jouw beleving niet meer zag. Cocaine werkt niet alleen op die avond zelf, maar de hele week na dat leuke feestje moeten de neurotransmitters herstellen. De ”Tuesday Blues” is bekend maar volgens mij is het meer dan drie dagen maar meer dan een week dat je neurotransmitters moeten herstellen: het empatische vermogen gaat omlaag.

BORDERLINE Als een persoon zo bezig is met zichzelf en alles vanuit haar eigen gemoedstoestand interpreteert. Ben je stil, dan negeer je haar. Ben je druk dan doe je dat om haar te pesten etc.

NARCISME Veel leraren hebben zulke narctische overwegingen naar adhd-ers toe. Zit je steeds te tikken en te trommelen op de tafel, dan doe je dat omdat je een probleem hebt met autoriteit, omdat je je impulsen niet kunt bedwingen, omdat je zenuwachtig bent, of omdat je je drum-huiswerk aan het oefenen bent? Je doet het in ieder geval altijd om hen te sarren. Niet omdat je je zo beter kunt concentreren op hun woorden natuurlijk. Ikzelf raakte altijd mijn fietsensleutel kwijt. Ik deed dit natuurlijk omdat ik onverantwoordelijk was en ongeintereseerd. Ik was te verwend en had de oorlog niet meegemaakt waar mensen 100 km moesten lopen omdat ze geen fiets hadden. Dat ik omkwam in de chaos en kermis van een lyceum dat ik nauwelijks wist welke dag het was hoe laat het was welke boeken ik die dag moest meenemen, met wie ik mee mocht fietsen en in welke stalling de fiets ook al weer stond. Dat ik op mijn tenen liep en volledig gedissocieerd in de schoolbanken zat en niemand meer kon horen: ik hoorde de echo door de hoge plafonds en tegelvloeren, de echo’s van alle geluiden maakte dat ik niemand meer kon verstaan. En dan noemen ze mij ”in mijzelf gekeerd” omdat ik niet meedoe. Wie is inzichzelf gekeerd als je voor je neus niet ziet dat iemand totaal zit de dissocieren?

In de krant lees ik dat een tiental organisaties als Jeugdzorg en GGD bekend waren met het gezin, waarvan de stiefvader het meisje met een honkbalknuppel in elkaar sloeg. De mishandelingen waren jarenlang bekend maar geen enkele instelling greep in, ze verwezen door naar elkaar. Ze verdienden geld met naar elkaar doorverwijzen. In Limburg gaan er tachtig mannen over een zestienjarig meisje heen. Ze zijn bang voor hun baan, als bekend wordt dat zij erbij waren, zeggen ze en hebben een advocaat genomen. Een gebrek aan empatisch vermogen: Ooit vertelde een Israelische vrouw mij, dat ze twee jaar lang in militaire dienst zat, en dat ze met een tank over huizen van Palestijnen heen reed. Ze verweet mij dat ik niet begreep hoe de situatie in Israel was, ik kon dat niet invoelen……

Mindblindness kan ontstaan door copieergedrag. om je zo te handhaven in een on-empatische omgeving. En als je dan niet werkelijk mindblind bent eigenlijk, dan moet je je gevoelens maar ergens anders parkeren. In de droomwereld.

In die droomwereld is alles fluide. Je kunt volledig iemand anders zijn, en alles om je heen verschuift constant als een mozaiek in een caleidoscoop: je praat met de kat, je neemt verschillende identiteiten aan op internet, je schrijft geloofwaardige scripts met personages die allerlei ontwikkelingen doormaken.

Zij die een levendig gevoelsleven hebben waarbij de wereld een calaidoscoop is met belangen en contexten en empatie. Maar ze zitten er zelf niet in. Ze staan erbij en kijken ernaar.

Als iemand kleurenblind is, en je vertelt dat iets geen bruin is, maar rood en groen dan zal hij het niet geloven. Ik zie het toch zelf! Pas als meerdere mensen het zeggen, zal hij het geloven.

Maar als iemand niet echt autistisch is, maar zich wel zo gedraagt: Dan helpt maar een ding: je moet het zeggen, en nogmaals zeggen. We moeten het niet alleen de praatdenkende adhd-er in de kroeg zeggen. We moeten het allemaal zeggen tegen uitgecheckte leraren en instanties: jullie zien ons niet staan. Maar ik ben er wel. En ik heb een ander belang, een andere context en een ander gevoel. En ik maak ook onderdeel uit van het plaatje: ik zit in die mozaik. Ik zit er middenin en ik ben geen lijdend voorwerp of object.

Ook de onderzoeker heeft een belang, een context, is niet objectief, zit ook midden in de dynamiek, staat er niet boven. Uw acties hebben invloed op de rest. Uw uitgechecktheid heeft ook invloed.

Want it takes one to know one: ik zie praatdenkers bij instanties: los van context. Rapporten praten tegen een muur. Tegen wie heb je het eigenlijk?

 

 

 

——————————————————————————————————-

Nawoord: je kunt ook teveel empathie hebben:

FLUIDE. Sommige mensen zijn fluide: dat wil zeggen dat ze teveel meegaan met de emoties van de ander doordat ze hun eigen ego nog te weinig ontwikkeld hebben. Hier maken loverboys gebruik van: zelfs al is het schadelijk voor de persoon zelf, toch gaat zij mee in de wereld van de ander. Sommige mensen zijn emotioneel helemaal afhankelijk, ze kunnen weliswaar heel goed intunen op een ander, maar dit vermogen heeft bij hen geen grens en keert zich tegen zichzelf. Kinderen zijn van nature afhankelijk van degene die ze verzorgen. Het is de bedoeling dat je op volwassen leeftijd een sterkere grens tussen jezelf en de ander creeert. Heel erg empatisch zijn is niet altijd een voordeel als je de behoeftes van de ander beter ziet dan die van jezelf, dan verzwakt dit je positie.

IK DENK DAT JIJ DENKT DAT IK DENK… Soms kunnen twee te gevoelige en empatische mensen elkaar dwars zitten. Als je helemaal in de huid van de ander kruipt maar die ander doet dat ook bij haar: waar gaat het gesprek dan over? En als het gesprek alleen maar over metacommunicatie gaat, blijft er van het feitelijke gesprek niets meer over. Je kunt niet aan de gang blijven natuurlijk. Je kunt teveel denken over wat de ander denkt.

Als je constant denkt wat zal die ander van mij denken, zit mijn haar wel goed, praat ik te snel of te langzaam, vindt hij dit onderwerp wel interessant moet ik niet over wat anders praten, waarom zegt hij niets: dan staat dit contact juist in de weg. Het is ook niet voor niets dat angststoornissen en sociale fobieen vaker voorkomen bij gevoelige mensen die zich te goed inleven in de ander. Wat zullen ze wel niet over mij denken? Het kan je blokkeren.

MANIPULATIE een andere valkuil van teveel empathisch vermogen is dat iemand bewust op je gevoel kan inwerken om iets gedaan te krijgen. Er zijn mensen die heel goed alles bij anderen aanvoelen en die informatie misbruiken. Ze acteren en geven nep feedback om de persoon op het verkeerde been te zetten. Als ze weten wat je onzekerheden zijn gebruiken ze die tegen je. Verkopers laten je dingen kopen die je niet nodig hebt.

Autisten kunnen dit gelukkig minder goed. Als ze iets niet willen zeggen ze: daar is geen geld voor/ geen tijd voor. Of ze zeggen dat ze een mail niet hebben ontvangen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Protected by WP Anti Spam